Natuurlijk communiceren met Ondersteunde Communicatie

Judith Snieders vertelt over haar ervaringen met ComOOK. Dit Milo programma helpt ouders om ondanks de beperkingen toch mogelijkheden en kansen te zien en die te gebruiken om contact te maken met hun jonge kind.

Het ComOOK programma is gericht op kinderen waarvan  de (ontwikkelings)leeftijd kan variëren van 0 tot 4 jaar. Judith is als OC-behandelaar verbonden aan Stichting Milo en is daarnaast ook werkzaam als logopedist en tolk Nederlandse Gebarentaal.

Waarom zo vroeg starten met Ondersteunde Communicatie (OC)?

Regelmatig horen we dat ouders uit het werkveld het advies krijgen om nog niet te starten met OC, omdat het kind er nog niet aan toe zou zijn. Ik kan me voorstellen dat een kind met een communicatieve beperking niet (meteen) toe kan zijn aan een meervoudig dynamisch systeem. Natuurlijke enkelvoudige systemen - zoals het aanwijzen van plaatjes of gebaren - maken het taalaanbod voor zowel sprekende als niet of nauwelijks sprekende kinderen begrijpelijker, meer behapbaar en meer voorspelbaar. Volgens mij kan dus ieder kind ongeacht leeftijd of beperking met OC starten.

Sprekende kinderen kunnen gesproken taal  uit hun omgeving vanzelf omzetten en zich hier op een automatische, natuurlijke manier in ontwikkelen. Kinderen die zelf niet of nauwelijks (zullen) kunnen spreken, kunnen gesproken taal niet uit zich zelf omzetten naar de OC-vorm, die het beste bij hen past. Uit de literatuur en onze praktijk blijkt, dat het heel belangrijk is om kinderen een passende vorm van OC aan te bieden dat het kind uiteindelijk ook uit zich zelf kan gebruiken. De omgeving is het voorbeeld, het model voor het kind.  Het aanbod moet aansluiten bij het kind en bij de situatie waarin de communicatie plaatsvindt. Zo kunnen bij de ene gesprekspartner spraakknoppen nodig zijn om ‘ja’ of ‘nee’ aan te geven, terwijl bij een andere communicatiepartner het stemgeluid of knikken van het hoofd al volstaat.  Voor hun taalontwikkeling zijn deze kinderen afhankelijk van de omgeving die hen een passende OC vorm aanbiedt. Daarom kan niet vroeg genoeg worden begonnen met de ontwikkeling van OC. Het kind krijgt daardoor kansen tot ontwikkeling en de omgeving gaat uitvinden  wat het beste bij het kind past.

Wat is OC?

OC is een vorm van communiceren die uitgaat van de mogelijkheden van de OC-gebruiker. De taalvorm kan bestaan uit gebaren, plaatjes of picto’s, foto’s, lettertekens of woorden. Alles wordt ingezet om communicatie op gang te brengen en de gebruiker de mogelijkheid te geven om zich in verschillende situaties en met verschillende communicatiepartners te kunnen uiten. Taal kan geïnstalleerd zijn op hulpmiddelen die aansluiten bij de fysieke mogelijkheden van de OC-gebruiker. Voorbeelden van OC-hulpmiddelen zijn: Taal Activiteiten Kaarten, foto-scripts, dagplanning d.m.v. picto’s, dynamisch systemen bijv. spraakcomputers, verschillende spraakknoppen.

Waarom ComOOK?

Het contact tussen ouders en hun jonge kind stagneert meestal als duidelijk wordt dat het kind klachten heeft die veroorzaakt worden door signalen van ontwikkelingsachterstand of klachten die het gevolg zijn van een aandoening of een syndroom.  Een voorbeeld dat me altijd bijblijft is een VIB (Video Interactie Begeleiding) over een moeder die net had gehoord dat haar kind doof was. Ze stopte direct met het natuurlijk gebruik van mimiek en spreken tegen haar kind, omdat haar kind toch niets kon horen …

Veel ComOOK ouders hebben de spontaniteit en het plezier in het communiceren met hun kind verloren. En in het medische circuit is de aandacht gericht op alles wat niet (meer) kan. In een ComOOK traject zoeken we samen met de ouders op welke manier communiceren wel kan. Er ontstaat dan een andere manier om met elkaar te communiceren waardoor de ouders en het kind weer plezier krijgen in het communiceren.

Hoe ontwikkel je OC bij jonge kinderen?

Door observaties in de thuissituatie kunnen we de signalen van het kind beter leren begrijpen en zien we wat goed gaat bij de ouders. Ook ontstaat inzicht in de ontwikkelingsfase waarin het kind verkeert. We attenderen ouders op de signalen van het kind en zoeken uit welke OC vormen hierbij kunnen aansluiten. Samen met de ouders proberen we uit hoe de signalen van het kind uitgebouwd en versterkt kunnen worden.

We helpen ouders om de communicatie op gang te brengen, te houden en uit breiden en om antwoord te vinden op vragen als: ‘Ik zie dat mijn kind signalen afgeeft, maar hoe kan ik dat omzetten naar kansen voor communicatie?’ of  ‘We willen de dagplanning duidelijk maken, maar hoe kunnen we dat aanpakken?

Zijn er verwijsindicaties voor het verwijzen naar Milo?

Regelmatig komen kinderen door probleemgedrag bij ons. Vaak is probleemgedrag een manier waarop het kind duidelijk maakt, dat het gefrustreerd is, maar dat niemand dat begrijpt. Ik vind dat ieder kind recht heeft op communicatie en dat we als professionals (zoveel mogelijk) gedragsproblemen moeten voorkomen.  Kinderen met een complex communicatievraagstuk hebben baat bij een intensief kortdurend traject als de interactie tussen kind en ouders of omgeving een nieuwe boost nodig heeft.Milo zet verschillende disciplines in om de interactie tussen het kind en de omgeving te vertalen naar een passend OC systeem. Milo kan meekijken over je schouder als aanvulling op de expertise die je zelf hebt op het gebied van ondersteunde communicatie. Samenwerking en elkaar aanvullen is hierin erg belangrijk.

Tot slot …

Geef zo vroeg mogelijk input in de OC vorm die het kind later gaat gebruiken. Daardoor schep je kansen. Stel je verwachtingen niet te laag en geloof altijd in het kind en in de ouders. Geef het kind de ruimte en de tijd om iets te leren. Sta open voor ideeën en probeer ze uit. Mensen die niet of nauwelijks kunnen praten, hebben recht op een volwaardig leven. Ze genieten van en met de mensen in hun omgeving als ze met OC op een natuurlijke manier kunnen communiceren. 

Gerelateerde Berichten