De woordenschat ontwikkelen van kinderen die niet of nauwelijks kunnen spreken

Het belangrijkste van iedere taal zijn woorden. Stichting Milo gebruikt ankergestuurde instructie voor de ontwikkeling van de woordenschat van kinderen met communicatief meervoudige beperkingen.

“Een ‘anker’ is een belevingsthema waarin bepaalde woorden en klanken centraal staan.”

Het programma van het KLIN© Atelier in Schijndel bestaat uit periodes van 12 tot 14 weken waarin belevenissen en ervaringen rondom één anker (een soort thema)  centraal staan. Binnen dit ‘anker’ wordt onder andere gewerkt aan het leren van bijbehorende begrippen. Deze sluiten aan bij de interesses en de ontwikkeling van de kinderen in de groep.

Woordnetwerk

In een woordnetwerk oftewel een woordmuur worden deze begrippen geordend. Dit netwerk van samenhangende begrippen past bij een (start)activiteit die samen met de KLIN©-kinderen, hun ouders en behandelaars beleefd wordt.

“Actieve begrippen zijn begrippen die het kind kan uiten”

Woordepisode

Het woordnetwerk van een ankerthema is opgebouwd uit actieve begrippen. Actieve begrippen zijn begrippen die het kind kan uiten met gesproken taal, gebaren of door het aanwijzen van een pictogram of foto.

Ieder actief begrip is omgeven door vier begrippen die het kind nog niet zelf gebruikt; begrippen die het kind wellicht nog niet kent of wel begrijpt, maar nog niet actief uit.

Het ‘mini-netwerk’ van een actief begrip met vier te leren begrippen noemen we een woordepisode.

Woordmuur

Het woordnetwerk van het ankerthema is zichtbaar gemaakt in het KLIN©-Atelier. Voor de gezamenlijke ankerbegrippen is een fysieke woordmuur gemaakt en ieder kind heeft daarnaast zijn eigen woordmuurposter. Deze beide overzichten vormen het uitgangspunt voor de invulling van de startactiviteit waarmee het nieuwe ankerthema van start gaat. De kinderen komen in de startactiviteit dan direct in aanraking met de bekende en nieuw te leren begrippen.

 

Woordmuurposter

De woordmuurposter van het kind is de basis voor de vervolg-activiteiten in de  KLIN© hoeken tijdens de ankerperiode. Daarbij kan ondersteunend gebruik gemaakt worden van de direct nabij de kernbegrippen gelegen doelbegrippen.

 

(Her)beleving

Beleving en herbeleving stimuleert de betekenisverlening door de kinderen. In een ankercyclus worden dan ook zoveel mogelijk activiteiten van het kind herhaald of digitaal vastgelegd in de vorm van foto’s of filmpjes om nogmaals te kunnen bekijken.

Rondom de vijf begrippen van een woordepisode wordt een activiteit gecreëerd in een van de hoeken van het KLIN© Atelier.

Dit kan een liedje of rijmpje in de expressiehoek zijn, een knutselactiviteit in de doehoek, een ervaringsactiviteit in de ontdekhoek, of een verhaaltje in de leeshoek.

Het kind kan deze begrippen sneller en efficiënter verwerken in het mentale woordnetwerk doordat deze begrippen in samenhang worden ervaren in een concrete belevenis en activiteit.

“De vertel- en verhaalvaardigheid neemt toe en de inzet van OC-middelen wordt steeds veelzijdiger.”

Doelstelling

Het doel is om de woordenschat van de kinderen uit te breiden naar 50 tot 80 actieve begrippen. Het taalsysteem - waaronder de grammatica en betekenisafleiding - wordt namelijk van binnenuit geactiveerd als het kind zoveel actieve begrippen met voldoende diepgang kent. Hierdoor neemt de vertel- en verhaalvaardigheid van het kind toe, waarbij de inzet van communicatie ondersteunende hulpmiddelen, zoals gebaren en pictogrammen, steeds veelzijdiger wordt.

In het werken met begrippen en de uitbreiding van de woordenschat staat altijd de beleving en ervaring van het kind centraal. Deze wordt ondersteund met interactief voorlezen en de continue inzet van Ondersteunde Communicatie.

“De  startactiviteit op de kinderboerderij was voor ons een geslaagde start bij KLIN©”

De startactiviteit voor het ankerthema ‘Kijk eens wat een kleintje’ bestond vorig jaar uit een gezamenlijk bezoek aan een kinderboerderij. Jasmijn en haar ouders Coen en Jannemien maakten dit voor het eerst mee:

Het was vooral een heel gezellige dag die wel op een schoolreisje leek. De hartelijke ontvangst was prettig en het was leuk om kennis te maken met de ouders van de andere kinderen van de groep van Jasmijn. De zorgvuldige manier waarop ondersteunende middelen ter bevordering van de communicatie werden ingezet, zoals een zoekbord met de dieren en mooie TAK kaarten bij de activiteiten, beloven veel goeds. We genoten van het lekkere weer en de perfect gekozen kinderboerderij en speeltuin. Het was erg leuk om Jasmijn zo op haar gemak te zien tussen de dieren. Behalve bij de schapen, die wat te opdringerig waren en een beetje groot. De geiten met hun jonkies en de poes waren favoriet. Leuk dat ze hen zelf mocht borstelen, aaien en eten geven. Ze herhaalde 's avonds nog een paar woordjes, zoals kip, poes, aai, lief, nijn en aap."

Startactiviteit anker 'Kijk eens wat een kleintje'

 

En wat is het oordeel van Jasmijn, Coen en Jannemien? “We vonden dit een heel geslaagde start bij KLIN© van Stichting Milo!

Gerelateerde Berichten